Daders

Mensenhandelaren zijn (Belgische) jongemannen met een (veelal) allochtone achtergrond, in de leeftijd van tussen de 20 en 30 jaar, die meisjes voor hen in de prostitutie hebben werken.
De daders hebben een laag opleidingsniveau en een niet afgeronde opleiding.
Zij zijn al op jonge leeftijd aan een criminele carrière begonnen en bekend bij politie en justitie voor geweldsdelicten, vermogensdelicten en andere delicten en hebben verschillende veroordelingen op hun naam staan.
Mensenhandelaren rechtvaardigen zich door de verantwoordelijkheid voor hun daden bij anderen neer te leggen of bij de omstandigheden waarin zij verkeren. Ze zijn uit op macht en veel geld en hebben weinig respect voor vrouwen en weinig inlevingsvermogen ten aanzien van de meisjes met wie ze een relatie onderhouden.
Mensenhandelaren zijn sociaal vaardig, zijn meesters in het manipuleren en hebben geen schuldgevoelens.
Ze maken onderdeel uit van een netwerk en bezetten louter uitvoerende posities
Vijftig procent van de ronselactiviteiten verloopt via het internet (social media).
Slachtoffers worden momenteel sneller en gewelddadiger benaderd. Er is nog wel sprake van verleiding maar dit slaat veel sneller om in gewelddadige bedreiging, chantage en manipulatie.

Werkwijze van tienerpooiers

Een tienerpooier is een mensenhandelaar die slachtoffers uitbuit volgens de loverboymethode. Deze methode kan in vier fasen worden opgedeeld. Daarbij moet worden opgemerkt dat de ingezette methode continu wordt aangepast en dat er veel variaties zijn in hoe tienerpooiers hun slachtoffers zoeken en uitbuiten. Soms worden fasen overgeslagen of sneller doorlopen of er worden andere middelen ingezet. Ook valt op dat er sneller en meer psychisch en (grof) geweld wordt gebruikt. Over de werkwijze bij mannelijke slachtoffers is nog weinig bekend. De hieronder beschreven fasen zijn dan ook voornamelijk van toepassing op vrouwelijke slachtoffers.

De vier fasen van de 'klassieke' tienerpooiermethode

Ronselen
Inpalmen
Losweken van sociaal netwerk/isoleren
Uitbuiten

Vroeger ronselden tienerpooiers hun slachtoffers door hen fysiek te benaderen op diverse locaties. Tegenwoordig spelen internet en sociale media ook een grote rol. Doordat het internet andere mogelijkheden kent dan het ronselen op straat, worden de fasen soms ook anders ingevuld. Deze werkwijze wordt de 'loverboymethode 2.0' genoemd. Deze methode kent eveneens vier fasen.

De vier fasen van de tienerpooiermethode 2.0

Grooming en hawking
Inpalmen
Inlijven
Uitbuiten

Overigens worden beide methoden door elkaar heen gebruikt. Zo kan het zijn dat het zoeken van een slachtoffer volgens de tienerpooiermethode 2.0 gebeurt, terwijl voor de overige fasen de 'klassieke' methode wordt gebruikt.



Over OYE
Ons aanbod
Begrippen
Slachtoffers
Daders
Signalering
Zo werkt het
Juridisch kader
Wat te doen na signalering
Over ons
Doneer
Contacteer mij